Home / Overweging / Doop van de Heer

Doop van de Heer

Doop van de Heer

13 Januari 2019 Kapel Huissen.
Jesaja 42,1-7 Lucas 3,15-16+21-22

Werd je gedragen of liep jij naar de doopvont?

Wie heeft er herinneringen aan haar eigen doop?
Hoe oud was je? Wat voor kleren had je aan?
Liep je zelf naar de doopvont of werd je gedragen?
De meesten van ons moeten het hebben ‘van horen zeggen’.

Sommige ouders laten hun kinderen dopen omdat dat nou eenmaal zo hoort. Anderen doen het weloverwogen. Bijvoorbeeld omdat zij hun kind iets willen meegeven van wat voor henzelf van levensbelang is.

Mijn ouders waren niet katholiek en ook geen lid van de Protestantse Kerk in Nederland, ze waren Doopsgezind. Een kerkgenootschap dat alleen volwassenen doopt. Ik werd niet gedragen naar de doopvont, ik liep er zelf naartoe. Ook hier in de kapel is wel eens een volwassene gedoopt. Ik kan mij bijvoorbeeld herinneren dat hier enkele jaren geleden, in de paasnacht, gedoopt werd. Voordat ik – ik was 18 – gedoopt werd, moest ik een geloofsbelijdenis schrijven, een document dat ik voorafgaande aan de doopviering moest voorlezen aan de kerkenraad. Zij bevroegen mij vervolgens, om uit mijn mond mijn verlangen en mijn beweegredenen te horen. Dopen doe je niet zomaar, je treedt binnen in de zuster- en broederschap van christenen. Je neemt daarmee een taak, een verantwoordelijkheid op je. Na dit gesprek kon ik op de eerstvolgende zondag gedoopt worden.

Ik kan mij herinneren dat het een feestdag was. Ik had een kleurrijke jurk aan die ik samen met mijn moeder had gemaakt en na afloop kreeg ik van de gemeenteleden felicitaties en cadeautjes. Mijn belijdenis was een soort intentieverklaring. Ik scheef in het kort over wat ik van Jezus wist en waarom deze man, deze zoon van God, zo’n grote indruk op mij maakte. Ik zei dat ik aanvoelde dat Jezus de rest van mijn leven belangrijk voor mij zou blijven en dat ik hem graag beter wilde leren kennen. Ik scheef ook dat ik in de Heilige Geest geloofde, dat ik erop vertrouwde dat deze Geest van God mij de weg zou wijzen op mijn ontdekkingstocht naar mijn roeping, de zin van mijn leven. Vervolgens schreef ik over God. God was en is nog altijd de bron, de dragende kracht van het leven, al het leven, en dus daarmee ook van ons en mijn leven. Dat ik vandaag hier in een dominicaanse habijt sta is niet zo gek. Mijn belangstelling en mijn zoektocht, naar wat waar en echt is, begonnen al jong en zijn sindsdien nooit meer opgehouden.

Vandaag staan we stil bij de doop van de Heer. Vorige week was het driekoningen en volgende week horen we het verhaal over de bruiloft te Kana. Drie zondagen waarop Jezus aan ons wordt voorgesteld.  Je kunt zeggen: hij wordt ons aanbevolen, gepromoot. De Drie koningen hadden geen woorden nodig om ons te vertellen hoe bijzonder Jezus is.  Uit een ver land afkomstig, was een ster aan de hemel voldoende om hen de weg te wijzen. De tafelmeester bij de bruiloft te Kana verbaast zich over Jezus daden. Jezus verandert water in wijn. Het gewone maakt hij meer dan bijzonder. De tafelmeester zegt: andere mensen schenken eerst de goede wijn en dan de mindere soort. Maar U hebt de goede wijn voor het laatst bewaard!

Vandaag wordt Jezus bij ons aanbevolen bij zijn doop in de Jordaan.
Wij zijn de doopgetuigen en het is God zelf die tot ons spreekt.

In het evangelie staat geschreven:

Heel het volk liet zich dopen,
en toen ook Jezus was gedoopt
en hij aan het bidden was,
werd de hemel geopend:
en er klonk een stem uit de hemel
Jij bent mijn beliefde Zoon
In Jou vind ik vreugde.

Jesaja geeft ons in de eerste lezing een soort profielschets van de zoon:

God zegt:

De zoon, dat is een spiegelbeeld van wie ikzelf ben. In hem wordt mijn geest zichtbaar. Het is geen heerser maar een knecht.  Alle volkeren, zullen door hem leren wat recht is. Hij weet zijn tong te beheersen. Hij roept en hij schreeuwt niet. Het gekrookte riet zal hij niet breken. Een verflauwde vlaspit niet doven. Ongebroken en vol vuur zal hij op aarde recht brengen.

Mensen kunnen zichzelf lelijk vinden, geknakt zijn en geen vertrouwen meer hebben. Geen vertrouwen, noch in zichzelf noch in anderen, geen uitweg meer zien. De zoon van God, aanvaart de mens, ook in zijn gebrokenheid. Hij kijkt je liefdevol aan, waardoor wij tot leven komen. Zijn houding tegenover kwetsbare mensen maakt ons krachtiger, zet ons op onze eigen benen, brengt leven.

Wacht even:

Het evangelie is geen zoetsappig verhaal, de teksten zijn zorgvuldig gecomponeerd om ons te vertellen wie Jezus is. Dopen is kopje onder gaan, door de rivier van de dood heen, opstaan in een nieuw leven. Een parallel met de doop in de Jordaan vinden we in de momenten rond Jezus dood.
Jezus is bang. Hij zegt: “ik moet een doopsel ondergaan, en hoe beklemd voel Ik mij totdat het volbracht is”.

  • Bij het eerste doopsel, de doop in de Jordaan, zegt de vader: “Deze is mijn welbeminde Zoon”.
    Bij ‘t tweede doopsel, op dag van zijn dood zegt de Zoon: “God, mijn God, waarom hebt U Mij verlaten?”
  • Bij het eerste doopsel scheurde de hemel open.
    Bij het tweede doopsel viel duisternis over het hele land.
  • Bij het eerste doopsel kreeg Jezus de Geest.
    Bij het tweede doopsel gaf Jezus de geest.

De doop, zoals wij hier vandaag gedenken kunnen we zien als een begin, het is daarmee ook een sprong in het duister.
Als je gedoopt wordt, of het nu als kleine baby of als volwassene is, het gaat over het inslaan van een nog onbekende weg. Het doet mij ook denken aan een bruiloft of een professie, een belofte van trouw zonder te weten wat die trouw gaat brengen of kosten.

Het is een keuze vol enthousiasme, een liefdesverklaring zonder restricties, zoals een huwelijksdag in een stralende zon.
Maar, wees niet bang. God spreekt ook tot ons, Zijn Geest rust op ons.
We hoeven het niet alleen te doen, We worden met liefde aangezien, gedragen en begroet.

 

Zoals we zingen:
Om uw Naam te openbaren
en de aarde te bewaren
als een woonplaats, ruim en goed,
komt U mensen tegemoet.

 Om een wereld die in vrede
mensen toekomst geeft en leven,
prijzen wij die ene naam:
grond en licht van ons bestaan

Top